|
- De voedinsgbodem voor een dictatuur
De erfenis van de 1ste Wereldoorlog en de economische aftakeling zorgde voor een sombere stemming in Duitsland. Het land kende een enorme groei van de werkloosheid waardoor het vertrouwen in de Weimar-republiek daalde tot onder het vriespunt. De nazi's wisten hier handig op in te spelen en beloofden verandering. Hitler trad als een krachtige spreker naar voren en verzekerde het Duitse volk een beter leven in een groots Duitsland. Zo ketterde hij openlijk het verdrag van Versailles en schoof de schuld van alle problemen in de schoenen van zijn politieke tegenstanders (communisten en sociaal-democraten) en natuurlijk de joden. Hitler bereikte met zijn politieke toespraken voornamelijk de werkloze jongeren en kleine middenstanders (handelaars, winkeliers, boeren, …). Maar al gauw kreeg hij steeds meer gehoor. Het Duitse volk, dat op zoek was naar een uitweg uit deze ellende, werd meer dan luisterbereid naar de verhalen van Duitse superioriteit en de nieuwe oplossingen die de nazi's naar voren brachten.
Dat betekent dat de beweging anti-parlementair is, en dat haar deelname aan een parlement geen ander doel mag hebben, dan om deze inrichting op te ruimen.
[Adolf Hitler – Mein Kampf]
- De verkiezingsoverwinningen van de NSDAP
Aanvankelijk haalden de nazi's niet bijster veel stemmen. Zo haalde de NSDAP in 1928, juist voor de economische crisis, slechts 2,6 % van de Duitse stemmen. Maar de daaropvolgende noodsituatie en de wijze waarmee de nazi's daarop inspeelden, bezorgde Hitler steeds grotere verkiezings-overwinningen. Zo groeide de NSDAP drastisch naar 33,1 % van de stemmen in 1932 en uiteindelijk 43,9 % van de stemmen in 1933. De nazi's behaalden hierdoor 288 zetels in het Duitse parlement (Reichstag). Hoewel de NSDAP toen de grootste partij was in Duitsland haalde deze op democratische wijze nooit de volledige meerderheid. Maar om deze totale macht te bereiken had Hitler een andere strategie uitgedacht.

- Het einde van de democratie
Gezien de verkiezingsoverwinning van de NSDAP en de steun van de conservatieve partijen benoemde de Duitse president, Paul von Hindenburg, uiteindelijk Hitler als kanselier. Voorheen (in 1932) weigerde von Hindenburg dit te doen omdat hij Hitler verfoeide omwille van zijn dictatoriale trekjes en het tuig van de SA dat elke militaire discipline miste. Von Hindenburg ging ervan uit dat men Hitler onder controle zou kunnen houden door hem een stukje van de macht te geven. Het bleek een heuse vergissing te zijn. Nadat Hitler op 30 januari 1933 tot kanselier (hoofd van de Duitse regering) was benoemd organiseerde hij de volledige uitschakeling van de parlementaire democratie in Duitsland. Zo legde hij op 23 maart 1933 de machtigingswet voor aan het parlement (terwijl de SA buiten op wacht stond). Deze wet gaf de regering de macht om wetgevende maatregelen te nemen zonder overleg in het parlement. Hiermee werd de dictatuur definitief geïnstalleerd. Toen later op 2 augustus 1934 Paul von Hindenburg overleed, nam Hitler ook de functie als president op. Hij benoemde zichzelf als de nieuwe Führer van het Derde Rijk. Hitler was nu niet alleen staatshoofd maar ook opperbevelhebber van het leger. Hiermee bezat hij de totale macht in Duitsland.
Het zal altijd wel een van de beste grappen van de democratie blijven dat zij haar doodsvijanden zelf de middelen verschafte waarmee zij vernietigd werd.
[Joseph Goebbels]
|